Naar boven

frnkfrt.net

pop.media.cultuur

De Ramonificatie van Paris Hilton en de uitverkoop van de rock’n’roll


Het gebeurde nog niet zo lang geleden. Arturo Vega stond samen met Florian Hayler, oprichter van het Ramones Museum in Berlijn, op de stoep in de Krausnickstrasse te praten, toen er een groepje Duitse pubers voorbij kwam. ,,Wat is dit eigenlijk, hier?’’ vroeg een van hen, wijzend op de naar de legendarische NewYorkse club CBGB’s knipogende pui. Vega legde uit dat de Ramones een Amerikaanse punkgroep waren. ,,Oh,’’ reageerde de tiener. ,,Ik zie die naam wel vaker en dacht dat het een merk van H&M was….’’

Sinds confectieketen Hennes & Mauritz enkele jaren geleden het legendarische, door Artura Vega ontworpen Ramones T-shirt in ging verkopen – naast trouwens T-shirts van The Sex Pistols, Clash, Nirvana, Bowie en nog een handvol klassieke rockers – zijn er talloze exemplaren van verkocht. Honderdduizenden, volgens Vega. En tegenwoordig vooral aan mensen die nog nooit een noot muziek van de voormalige NewYorkse punkrockers hebben gehoord. Hoe een symbool van loyaliteit met rock’n’roll en verzet – volgens Vega – tot een betekenisloos modeaccessoire werd.

Ramones Museum Berlijn

Even terug naar het begin. Naar de vroege jaren zeventig, toen de in 1947 in het Mexicaanse Chihuahua geboren Arturo Vega reeds in het appartement in de New Yorkse Lower East Side woonde waar hij vandaag de dag nog steeds resideert en wat rommelde met theater en beeldende kunst. Vooral collageachtige dingen in popart stijl.
Op een dag in het voorjaar van 1974 steekt Douglas Colvin – die zich kort daarna Dee Dee Ramone zou gaan noemen – op de trap naar de etage boven Vega waar een vriendin van hem woonde, zijn hoofd om de deur en zegt iets over de muziek die Arturo op heeft staan. Het begin van een lange vriendschap. Dee Dee vertelt over de band die hij met een paar vrienden aan het oprichten is en Arturo is er bij als de Ramones in augustus 1974 hun eerste concerten in CBGB’s geven – nota bene pal bij hem om de hoek. Dee Dee en Joey zullen in de jaren daarna nog regelmatig voor kortere tijd bij Vega in huis wonen als het zo uitkomt.
Van het befaamde logo is dan nog geen sprake. Dat komt later pas. Maar Vega wordt wel al snel vaste lichtman bij de concerten van de groep – alleen wit licht! – en op de achterkrant van de debuut-LP van de groep, die voorjaar 1976 verschijnt, staat een foto van een riem met een gesp in de vorm van een adelaar. De riem had Vega kort daarvoor gekocht in een dumpstore aan 42nd Street en de foto maakte hij in zo’n pasfotoautomaat even verderop.

Dee Dee, Arturo en Johnny halverwege de jaren zeventig

Het befaamde logo volgde niet veel later, toen Vega dezelfde adelaar tijdens een tripje naar Washington DC in het presidentiële wapen had gezien. Zijn redenering was simpel en doeltreffend: Dat wapen symboliseerde Amerika en de Ramones waren een ‘all American band’. Dus ontwierp hij een variant: De pijlen in de linkerpoot van de originele adelaar werden vervangen door een honkbalknuppel – omdat Johnny Ramone baseballfanaat was – en de olijftak rechts werd een ‘appeltak’ – omdat de Ramones gek op appeltaart waren. Daar omheen, in een cirkel, de namen Johnny Joey, Dee Dee en – toen nog – Tommy. Allemaal knip-en-plakwerk – van digitale tekenprogramma’s was in de jaren zeventig nog geen sprake. Het idee kwam helemaal van Vega, al had hij op dat moment natuurlijk niet het geringste idee van de cultstatus en commerciële impact die zijn ontwerp later zou krijgen.

Het logo in 1977

,,Dee Dee zei al snel tegen mij: ‘Jij moet een poster voor ons maken. En een hoesontwerp voor als we een plaat gaan uitbrengen,’’ vertelt Arturo Vega op een mooie nazomer-zaterdagmiddag in een café aan de Amsterdamse Nieuwmarkt. ,,Niemand had het over een logo. En kunst is voor mij iets heel persoonlijks; het gaat over wat er aan mijn leven voorbij trekt. Bij die eerste CBGB’ shows stelde ik al voor dat ze alleen wit licht zouden gebruiken. Dat gebeurde ook. Al mijn ideeën werden altijd geaccepteerd. Dat logo was in eerste instantie ook bedoeld voor op een doek achter het podium, als ‘backdrop’. Dat, in combinatie met die T-shirts – had al snel een enorme impact.’’
,,Ik haatte het als de Ramones als stripfiguren werden weggezet,’’ zegt Vega. Maar is die verontwaardiging wel terecht? Droeg zijn eigen ontwerp, inclusief ‘baseballbat’ en ‘applepie’ niet evenzeer bij aan dat beeld? De New Yorker aarzelt ,,Natuurlijk zat er een element van cliché in de Ramones: die haardracht, die jeans, die leren jacks. Dat waren heel uitgesproken symbolen, ja. De Ramones waren beslist ‘characters’. Maar géén stripfiguren in de betekenis van ‘persiflerende cartoons’.’’
Het was juist die door Vega met zijn logo aangedikte ‘all American’ punksymboliek die van

Warhols CokaCola flessen

de Ramones een cultuur-icoon maakte. Zoals Warhol dat in feite ook had gedaan met het CocaCola-flesje, het dollarbiljet en Elvis. Binnen de groep zelf waren de meningen wat dat betreft echter nogal verdeeld.
In december 1989 interviewde ik Johnny Ramone eens in de ontbijtzaal van het Amsterdamse hotel van de groep. (1) Aan de wand boven ons tafeltje een reproductie van Van Goghs zonnebloemen. Na een uurtje geanimeerd gesprek zegt de gitarist opeens: ,,Jullie, Europese journalisten, beginnen telkens weer zo diep te graven naar het ‘hoe’ en ‘waarom’ van onze muziek en zelfs naar onze politieke voorkeuren. Wat wij doen is voor mij gewoon ‘entertainment’, geen ‘kunst’.’’ En toen draaide hij zich een kwart slag om, priemde zijn wijsvinger richting Van Goghs zonnebloemen en zei: ,,Dát is kunst!’’.
Arturo Vego begint te lachen als hij het verhaal hoort. ,,Typisch Johnny,’’ zegt hij. ,,Maar Dee Dee en Joey beseften de culturele impact van de Ramones weldegelijk, hoor. Dee Dee was ontzettend intelligent en Joey behoorlijk sophisticated. Die kwam uit een heel artistiek gezin. Dee Dee zei ooit in een interview over mij: ‘Arty sees the Ramones jus as an art thing’. Daar kwam natuurlijk wat ironie bij kijken, maar Dee Dee begreep de impact van de band heel goed en ook mijn visie. Voor mij was rock’n’roll een wapen dat de wereld kon veranderen. En kunst is ook een manier om de wereld te veranderen. Daar kwamen die twee voor mij samen.’’

Het is onzinnig om de invloed van Vega op de Ramones te vergelijken met die van Warhol op The Velvet Underground. Warhol was destijds al een invloedrijk en gevierd kunstenaar. Vega was dat niet en is dat eigenlijk nog steeds niet. Beiden keken echter weldegelijk met de blik van de kunstenaar naar de respectievelijke rockbands. En Warhol kende de Ramones. Er zijn foto’s waarop de popart-god in het publiek te zien is bij een concert dat de groep in mei 1976 in de New Yorkse club The Bottom Line gaf (2). En zowel Andy Warhol als Joey Ramone waren dikke maatjes met Debbie Harry.

Arturo bij een van zijn recente werken

De Ramones, super-Amerikaans als ze waren, hadden toch voor Warhol een perfect icoon kunnen zijn om in zeefdruk vast te leggen?
Vega schudt het hoofd. ,,Oh nee, dat had Johnny nooit toegelaten. Die moest helemaal niets hebben van Warhol en dat flamboyante gezelschap om hem heen. Hypocriete griezels vond hij het. ‘Creeps’. Johnny zou een formele band tussen de Ramones en Warhol nimmer toestaan. En Johnny was toch degene die het laatste woord had in de band. Hij was de motor.’’

Arturo Vega is nu vierenzestig. Hij is nog van de generatie voor wie rock’n’roll synoniem is met ‘verzet’ en niet met ‘handel’. Je maakte zelf rock’n’roll of verklaarde je loyaal door een T-shirt van een band te dragen. De Ramones hadden street credibility en dat befaamde T-shirt gaf talloze fans en zekere zin ook street credibility. Ooit, welteverstaan.
‘Maar sinds ouders Gibson-gitaren voor hun kinderen kopen opdat hun kroost ook rock’n’roll kan maken is de angel er uit,’ zei Vega eerder al eens in een interview. De Newyorker knikt als hij aan die uitspraak herinnerd wordt. ‘Rock’n’roll’ is vandaag de dag alleen nog maar een verpakking om allerlei rommel aan de mensen te verkopen. Rock’n’roll is tegenwoordig een pak melk dat je bij de supermarkt om de hoek haalt.
Daarmee zijn we terug bij H&M en de Ramones T-shirts. Popmuziek had de afgelopen halve eeuw natuurlijk nog een veel groter bereik dan Warhols ‘popart’. Interessanter nog is dat van die popmuziek afgeleide producten, zoals T-Shirts ook zo’n gigantisch bereik hadden – eveneens groter dan Warhol zelf gelukt is. ‘Being good in business is the most fascinating kind of art,’ schreef de kunstenaar zelf reeds in ‘The Philosopy of Andy Warhol. (3)

Het klassieke Ramones shirt van Arturo Vega

De klassieke Ramones T-shirts behoorden in de tijd dat de groep nog bestond al tot de populairste popmerchandize, samen met Marley, Jim Morrison, Nirvana en nog een handvol andere. In Mexico City – waar de Ramones net als op een handvol andere plekken in Latijns Amerika gedurende de laatste tien jaar van hun bestaan waanzinnig populair waren – waren er drie T-shirts die overal verkocht werden, herinnert Arturo Vega zich: ,,Eentje met Jezus Christus er op. Eentje van Bruce Lee. En de Ramones.’’
In dat geval was het succes van het T-shirt in ieder geval nog een afspiegeling van de populariteit van de band die in Midden- en Zuid-Amerika ook voor tienduizenden mensen speelde. Je kon er vanuit gaan dat dragers van het shirt in ieder geval de muziek van de groep kenden.
Maar ik zou vandaag de dag niet graag iedereen op een ijsje moeten trakteren die bij aankoop van een Ramones T-shirt – bij H&M of elders – volstrekt met een mond vol tanden staat bij de vraag wat ze nou eigenlijk vinden van die Phil Spector-productie van ‘End of the Century’.
De verkoop van en belangstelling voor de muziek van de groep is volledig overschaduwd
door de T-shirts. Die worden nu ook verkocht in landen waar de Ramones nooit een poot aan de grond hebben gekregen.
,,Ik denk dat mensen wanhopig op zoek zijn naar authenticiteit en alles kopen wat hen maar de schijn van authenticiteit kan geven,’’ zegt Arturo Vega, gissend naar een verklaring. ,,Punk is inmiddels veertig jaar oud en heeft z’n kracht wel verloren. Maar jonge mensen hebben volgens mij vanbinnen nog altijd wel iets rebels. Misschien is het dragen van zo’n shirt vandaag de dag voor sommige jongeren wel een soort ‘rite de passage’.’’

Paris Hilton ´Pinky Ramone´

,, Maar veel anderen associëren het Ramones-shirt niet eens meer met punk of opstandigheid. Dat zag je aan die tieners bij het Ramones-museum in Berlijn. Ik heb ondertussen ook al talloze ‘roofvarianten’ van mijn ontwerp gezien: Een familienaam met in de cirkel de namen van de gezinsleden. Of een sportclub die het gebruikte. Steeds meer mensen kennen het shirt ook niet van de rockband, maar van beroemdheden die zich er in lieten fotograferen, zoals David Beckham of Paris Hilton. En er is een foto waarop je de kinderen van Angelina Jolie in Ramones T-shirtjes ziet. Fans van die sterren, tot in de derde wereld aan toe, willen dan natuurlijk ook zo’n shirt zonder dat ze een idee hebben waar het over gaat! Dat noem ik nou ‘The Betrayal of Art by Culture’.’’
Huh…?
,,The Betrayal of Art by Culture….’’’
Mmmm, zou de kunst hier niet meer bedrogen worden door een vage, commerciële modecultus, dan door de cultuur? ‘The Betrayal of Art by Cult’ vind ik eigenlijk beter…..
,,Tja, misschien heb je wel gelijk. Maar ‘The Betrayal of Art by Culture’ bekt gewoon beter.’’

Walter Benjamin beschreef hoe het kunstwerk zich nooit helemaal los maakt van de rituele functie (4). Hoewel de Frankfurters weinig op hadden met popmuziek, is dat rituele wel heel nadrukkelijk van toepassing op de relatie tussen popmuzikanten en hun band-T-shirts dragende fans. Bij de huidige (H&M)-exploitatie van de Ramones is dat rituele aspect totaal verdwenen.
Hannah Ahrend zegt in dit verband erg interessante dingen in ‘De Crisis in de Cultuur’ (5), een vertaling van enkele op kunst toegespitste hoofdstukken uit haar ook alweer een halve eeuw oude studie ‘Between Past and Future’. Ze heeft het over de ‘culturele filister’ – een wat archaïsche, zelfs studentikoze term voor wie niet in de inhoud, maar slechts in de ruilwaarde en het statusverhogende aspect van de kunst geïnteresseerd is. Die ‘filisters’ zouden in de jaren zeventig voor geen goud een Ramones T-shirt hebben gedragen, maar veranderen plots van gedachten, met alle gevolgen van dien. Of zoals Arendt schrijft: ‘Culturele objecten werden met andere woorden als nutteloos misprezen door de filisters tot op het ogenblik dat de culturele filister zich van deze objecten meester maakte als van een munt waardoor hij zichzelf een hogere positie in de maatschappij kocht of een hogere graad van zelfachting verwierf. Hoger – dat is dan hoger dan wat hij, naar zijn neigen overtuiging, volgens zijn natuur of zijn geboorte verdiende. In dit proces werden culturele waarden zoals alle andere waarden verhandeld, zij werden wat waarden altijd geweest waren: ruilwaarden, en in het overgaan van hand tot hand raakten ze als oude munten versleten.’ En nu de regel waar het om draait: ‘Ze verloren het vermogen dat oorspronkelijk alle culturele dingen eigen is: De mogelijkheid om onze aandacht te trekken en ons te ontroeren.’

Shiloh Jolie Pitt ´Ramone´

Bij Beckham, Hilton of Jolie en haar kinderen is een Ramones T-shirt in de verste verten geen ‘toegangsbewijs voor de straat’ meer, wat het als directe afgeleide van de muziek van de groep oorspronkelijk weldegelijk was.
Ook Horkheimer & Adorno – hoe weinig die ook moesten hebben van populaire cultuur – stipten dit verschijnsel in 1944 in hun befaamde ‘Dialectiek van de Verlichting’ reeds haarfijn aan (6): ‘Wat men de gebruikswaarde in de receptie van cultuurgoederen zou kunnen noemen, wordt door de ruilwaarde vervangen; aanwezig zijn en op de hoogte zijn komt in de plaats van het genot, prestigegewin in plaats van deskundigheid.’

Het zijn theorieën waar Arturo Vega niet zo heel veel boodschap aan lijkt te hebben. Voor hem blijft het toch gewoon ‘The Betrayal of Art by Culture’. Hij is een man van de praktijk, zegt hij. En ja, over alle verkochte Ramones T-shirts krijgt hij nog altijd royalties, ook over die bij H&M over de toonbank gaan. Maar dat ze daar verkocht worden, daar heeft hij niets over te zeggen gehad. Dat beslissen de ‘erven-Ramones’, de ‘Ramones BV’, en die bestaat in de woorden van Vega tegenwoordig uit de ‘second wifes and relatives’ – de tweede echtgenotes van Johnny en Dee Dee en de broer van Joey. Die hebben – afgezien van zijn contractueel vastgelegde aandeel – geen boodschap meer aan Arturo. En hij niet aan hen. Na de dood van Joey in 2001 richtte Vega een symbolische grafsteen op: Hij liet zijn vermaarde Ramones logo groot op zijn rug tatoeëren met in de cirkel de namen Joey, Johnny, Dee Dee en….. Arty. ,,Die drie waren de echte Ramones.’’ zegt hij nu. ,,De drummers, Tommy en Marky, hoorden er toch niet helemaal bij. Maar ik wel…’’

Arturo Vega op het Waterlooplein

Tegenwoordig maakt hij popart-achtige kunst, die nu ook voor het eerst in Nederland geëxposeerd is (7). ,,Ik bekritiseer voortdurend de commercie,’’ zegt hij. En: ,,Mijn inspiratie is wat ik meemaak de hele dag.’’
We wandelen over de Waterloopleinmarkt. En ja hoor, bij het derde T-shirtkraampje zijn ontwerp. Een bootlegprint? Uiteraard, zegt Vega lachend. Die waren er vanaf het begin. Maar daar hebben we ons nooit druk over gemaakt, anders waren we nergens anders meer aan toe gekomen…’’

Noten:
1. Bruyn, Peter. ‘Trouw naan ons image, dat is onze kracht’; interview met Johnny Ramone in Noordhollands Dagblad, 23 dec 1989
2. Bessman, Jim. Ramones; An American Band . 1st ed. New York, St Martin’s Press, 1993
3. Warhol, Andy. The Philosophy of Andy Warhol (Drom A to B and Back Again). 1975. San Diego/New York, Harvest
4. Benjamin, Walter. Het kunstwerk in het tijdperk van zijn technische reproduceerbaarheid 1973. Nijmegen, Sun. 1985
5. Arendt, Hannah. De Crisis in de Cultuur 1961. Kok/Agora, Kampen. 1995
6. Horkheimer, M & Adorno, Th. Dialectiek van de Verlichting 1944. Boom, Amsterdam. 1987/2007
7. Arturo Vega exposeerde van 21 t/m 23 sept 2012 bij Manuela Klerx in Amsterdam.

Over Peter Bruyn

Kunst? Politiek? Alle kunst is politiek. peterbruyn.wordpress.com.
Archief van Peter Bruyn →